Strand, kastelen en toetjes in Albanië

Nadat ik de camping met mijn favoriete bar heb verlaten, heb ik voordat ik ben aangemeerd op het strand, ‘The Blue Eye’ bezocht. Inmiddels is dit een populaire bezienswaardigheid geworden en op mijn tripje ben ik maar liefst een stuk of tien mensen tegengekomen. Ik mag in mijn handen knijpen dat het geen hoogseizoen meer is… Afijn. The Blue Eye is een zoetwaterbron, gesitueerd diep in de aarde, en spuit iedere seconde duizenden liters mineraalwater naar de oppervlakte. Officieel mag je hier niet zwemmen, maar ik hoorde dat sommige waaghalzen dit toch doen. Mij was het te koud; het water is zo’n tien graden. Brrrr. Wel heb ik mooi even gechild in het zonnetje met twee kikkers op de oever. We hebben adressen uitgewisseld en ik ga ze binnenkort een kaartje sturen. Leuk hè.

The Blue Eye – helaas is met de camera de helderblauwe kleur van het water niet goed te vereeuwigen

Sofia Skepleppel en The Blue Eye in Albanië

Hoe diep de bron van Syri i Kaltër oftewel Blue Eye in de aarde zit, weet men niet. Duikers durven in ieder geval niet verder te gaan dan vijftig meter. Het water dat uit de bron komt, is heel helder blauw. Jammer genoeg kon ik dat niet goed op de foto krijgen, maar ik heb een poging gewaagd. Ook had Sofia graag een kopje koffie gedronken op dit plaats delict, helaas waren de twee restaurants pas geleden gesloopt wegens illegaliteit.

Toen door naar het strand. Sofia heeft hier geen zonnige kiekjes gemaakt. Zoals u kunt zien zijn de foto’s wat grauw. Maar Sofia, je hebt daar toch wel mooi weer gehad? Zeker wel! De eerste dagen in Himare waren heerlijk. Ik lag lekker op het strand van de Albanese Riviera en heb gezwommen in de blauwe Middellandse Zee. Echter heb ik deze dagen inderdaad geen kiekjes geschoten. Ik was zo moe, ik had helemaal geen zin om te werken. Hoe komt dat dan? Pfoeh, tsja. Zo raar is dat toch niet? Iedere keer weer als ik een plaats verlaat – als ik hieraan gehecht ben geraakt tenminste, en dat is vaker wel dan niet zo – voel ik een zweem van heimwee, in de veronderstelling dat ik deze klap nooit te boven zal komen. En dan bereik ik El Destination Novo, settle ik me in mijn nieuwe eierdoos (soms zitten hier zelfs van die zachte stukjes dons in) en bekruipt langzaam een aangenaam gevoel mijn eierschil. In het begin verzet ik me hiertegen vanuit nostalgische overwegingen: ik kan mijn vorige thuis toch niet zomaar verraden? En na deze korte periode van verzet begraaf ik de strijdbijl maar. Voor mijn eigen bestwil vergeet ik alle dingen die ik nog had willen doen op de vorige plaats. Of nog een keer over had willen doen. Yes, dan ben ik klaar voor het nieuwe avontuur. Een heel proces, dat steeds opnieuw begint, best vermoeiend hoor.

Berat – Stad van de Duizend Ramen

Sofia en Berat, de Stad van Duizend Ramen

Na de Albanese Riviera meert het ei aan in Berat, ook wel de ‘Stad van Duizend Ramen’ genoemd, naar de vele ramen met uitzicht op de Osum rivier. Het historische gedeelte van deze stad staat op de lijst van werelderfgoed. Sofia is hier, gehuld in haar vikinghelm, in het kasteel geweest. In het kasteel wonen nog gewoon mensen. Verder kan ik er eigenlijk niet zoveel over vertellen, want er was geen informatie te krijgen. Nergens stonden borden bij. Informatieborden, waarschuwingsborden, hekken: niks van dit alles is te vinden in kasteel Berat, ondanks de gevaarlijke afgronden en afbrokkelende muren. Als een ei avontuur wil, kan ze dat krijgen ook!

Sofia heeft tevens kennis gemaakt met ‘Trileche’, een Albanees dessert. Vertaald betekent het ‘drie melk cake’; oorspronkelijk is het een cake dat sopt in drie soorten melk en is afgedekt met een laagje caramel. Deze staat nu in mijn top drie van lekkerste toetjes ooit. Ja, dat zal wel, Sofia heeft zo’n beetje iedere week deze uitspraak. Nou en. Ik kan het ook niet helpen dat mijn top drie zo snel verandert.